Feiten en fabels over de impact van pesticiden op ecologische systemen en (wilde) bestuivers op basis van the Truth Sandwich methode

Gepubliceerd op: 2 juni, 2026
Inhoudsopgave

Door de overvloed aan beschikbare informatie en desinformatie kan het voor mensen lastig zijn om goed geïnformeerde beslissingen te nemen over complexe onderwerpen. Ook in het debat over pesticiden worden vaak angst en economische onzekerheid ingezet om beleid te beïnvloeden.

Er is online veel informatie beschikbaar, maar die is vaak tegenstrijdig of onvolledig. Behalve duidelijke ‘voors’ en ‘tegens’ zijn er ook veel nuances. Natuurlijke bestrijdingsmiddelen bijvoorbeeld, zijn niet altijd gezonder. Er zijn immers ook natuurlijke gifstoffen. Maar grote economische belangen en culturele overtuigingen spelen een grote rol in hoe de debatten (niet) gevoerd worden. Herhaling van misinformatie – ‘we moeten de wereld voeden’ of: ‘we kunnen niet zonder’ spelen een grote rol in de verspreiding. Ook emoties spelen een belangrijke rol, wanneer kritiek op een toelatingsprocedure wordt neergezet als een aanval op boeren bijvoorbeeld. 

Vooral commerciële partijen zaaien bewust twijfel over wetenschappelijke bevindingen (of kiezen ervoor om studies niet te delen met autoriteiten, (zie: https://www.nrc.nl/nieuws/2023/08/18/hoe-syngenta-een-studie-naar-glyfosaat-en-hersenschade-meer-dan-twintig-jaar-achterhield-a4172264) om hun belangen veilig te stellen. Omdat de macht van het geld in onze samenleving dominant is geworden, is het belangrijk om misinformatie te herkennen zodat je meer weerbaar wordt tegen misleiding.

Door bijvoorbeeld uit te leggen hoe manipulatie werkt en er voorbeelden van te geven, leren mensen misinformatie beter herkennen. Communicatiewetenschappers noemen dat ook wel de inoculatietheorie. Je voedt  mensen een lage dosis misleidende informatie en geeft daarna een sterke en feitelijke weerlegging, met bronvermelding. Het werkt als met een vaccin: je maakt mensen een beetje ziek, zodat ze afweerstoffen aanmaken en weerbaar worden. De cognitieve resistentie stoelt op wetenschapswijsheid – hoe zit het? – en retorica – klopt deze redenering?

Feit 1: Voedselzekerheid kan gegarandeerd worden zonder pesticiden

Fabel: Zonder pesticiden kunnen we de wereld niet voeden.

Uitleg:

  • Pesticidengebruik is geen noodzaak maar een keuze. Pesticidenfabrikanten delen geen voedsel uit maar winstuitkeringen aan aandeelhouders. Volgens de Verenigde Naties zijn er voldoende alternatieven en geïntegreerde plaagbeheer-systemen beschikbaar die voedselzekerheid kunnen waarborgen. 
  • In 2017 concludeert de VN-rapporteur voor het recht op voedsel dat bestrijdingsmiddelen weliswaar de voedselproductie verhogen, maar ten koste gaan van biodiversiteit en gezondheid. Ondanks die hogere productie is de wereldwijde honger niet afgenomen.
  • Er zijn voldoende biologische en geïntegreerde landbouwsystemen die aantonen dat voedselproductie ook mogelijk is met veel minder of zonder synthetische pesticiden. Het kan prima maar je moet het willen. In Oostenrijk, waar men al decennialang inzet op duurzame landbouw, is het aandeel inmiddels 25%.
  • Voedselzekerheid – en het gebrek aan voedsel is een verdelingsvraagstuk. Er wordt wereldwijd voldoende calorieënvoedsel geproduceerd, maar het komt niet altijd terecht bij degenen die het (het hardst) nodig hebben.
  • Bovendien wordt veel landbouwgrond gebruikt voor veevoeder, denk aan snijmais in Nederland. Dit is niet efficiënt, omdat bij het omzetten van plantaardig naar dierlijk materiaal veel calorieën en eiwitten verloren gaan. 80% van de wereldwijde landbouwgrond wordt gebruikt voor de vlees- en zuivelindustrie en deze voorziet in slechts 17% van de mondiale caloriebehoefte.  Een derde van die grond is ook geschikt voor akkerbouw voor menselijke consumptie. Een meer plantaardig dieet kan er zelfs voor zorgen dat er landbouwgrond vrijkomt voor de natuur. 
  • Grond inzetten voor plantaardige producten voor humane consumptie is veel efficiënter dan landbouwgrond gebruiken om veevoer te telen.
  • Veel pesticiden worden gebruikt in de sierteelt. Het telen van sierbloemen is vooral voor de export en niet voor voedselproductie. Lelies worden nauwelijks gegeten, dus deze teelt draagt niets bij aan voedselveiligheid. Bron: https://www.pan-netherlands.org/wp-content/uploads/2022/05/Zijn-pesticiden-nodig-om-de-wereld-te-voeden.pdf)
  • Langjarig vergelijkend Zwitsers onderzoek naar gangbare, biologische en biodynamische landbouw laat zien: biodynamische landbouw presteert significant beter op het gebied van bodemvruchtbaarheid, milieu-impact en klimaatadaptatie. Het verschil in opbrengst is 15 procent. 
  • 100 jaar geleden bestonden er nog geen chemische bestrijdingsmiddelen en toen was er ook voedsel (dit argument is erg simplistisch gedacht, maar kan in mijn ervaring helpen om mensen hun beeld te kantelen van de ‘noodzaak’ van chemie). “Organic food, or what my great-grandmother called “food”. 

(Misschien deze als laatste vermelden, aangezien het vrij uitgebreid is?)

Feit 2: Er zijn serieuze tekortkomingen in de toelatingsprocedure voor pesticiden

Fabel: Dat toegelaten middelen veilig zijn omdat ze door CTGB beoordeeld zijn is (helaas) een fabeltje. Het gebeurt de hele tijd dat toegelaten middelen achteraf toch (zeer) schadelijk blijken te zijn. Een duidelijk voorbeeld zijn de neonicotoïden (https://www.wur.nl/nl/show/neonicotinoiden-op-alle-fronten-schadelijk-voor-vogels.htm). 

Uitleg:

In een recent interview met bijenprofessor en hoogleraar Dave Goulson legt hij uit welk effect bestrijdingsmiddelen hebben op insecten. De vraag die centraal staat in het interview is: hoe kan het dat pesticiden die zijn toegelaten en dus als  “veilig” zijn beoordeeld, enkele jaren later tóch schadelijk blijken te zijn? In het interview benoemt Goulson een aantal fundamentele weeffouten in de toelatingsprocedure die voor insecten van belang zijn (https://www.youtube.com/watch?v=GbFvzIWSmIw  vanaf minuut 7:45).

  1. De testomstandigheden komen niet overeen met de omstandigheden waaronder een middel in de praktijk gebruikt wordt. De test voor zo’n toelatingsprocedure werkt als volgt: als in het lab schadelijke effecten worden waargenomen, wordt het middel in het veld getest. Ook die testen worden onder laboratoriumomstandigheden uitgevoerd. Een gewas wordt dan gedurende een groeiseizoen met de (voorgestelde) toegelaten hoeveelheid van een middel bespoten. Maar in de praktijk worden allerlei middelen tegelijk gebruikt. Ook loopt de test niet meerdere seizoenen na elkaar, waardoor cumulatie, ‘opstapeling’ van gif, niet gemeten wordt.
  2. De testen die in het laboratorium gedaan worden, kijken naar directe sterfte. Maar als een insect niet meteen dood neervalt, kunnen er toch andere effecten zijn die leiden tot sterfte zoals bijvoorbeeld niet meer kunnen navigeren of verminderde vruchtbaarheid. Ook blokkade van hun immuunsysteem kan zorgen voor ziektes en uiteindelijk tot sterfte. Al deze effecten worden in de huidige testen niet zichtbaar.
  3. De testen duren vaak niet langer dan 48 uur terwijl insecten – en mensen – in het veld veel langer worden blootgesteld aan gifstoffen.
  4. In de praktijk worden insecten – en mensen – blootgesteld aan een cocktail van middelen waarbij negatieve effecten van verschillende middelen elkaar versterken. Het zijn gezondheidsvraagstukken. Roken is ongezond. Veel vet eten ook. Alcoholgebruik ook. Als je het allemaal doet, gaat je gezondheid harder achteruit dan als je alleen vet eet.
  5. De testen worden uitgevoerd met gezonde insecten in een stressvrije omgeving. In het wild hebben insecten te maken met een heel scala aan negatieve invloeden zoals verdroging en overmatige stikstofdepositie. Verzwakte dieren zijn minder goed bestand tegen gifstoffen.
  6. Recent heeft het Europese Hof van Justitie geoordeeld dat het toelatingsbeleid van het CTGB ernstige tekorten kent. Het CTGB moet bij de risicobeoordeling de meest actuele, beschikbare, wetenschappelijke en technische kennis betrekken en hierbij een eigen afweging maken, ook als een middel is goedgekeurd door of in een ander land. De bescherming van de gezondheid, dieren en het milieu moeten volgens het Hof voorrang hebben op de verbetering van de teelt van planten. Samenvattend: het CTGB moet dus de laatste actuele beschikbare kennis gebruiken bij de toelating van een middel, ook als die niet formeel is vastgesteld, en mag dus niet de beoordeling van een stof zomaar voor waar aannemen.
  7. Martina Vijver e.a. hebben aangetoond dat bijv thiacloprid onder natuurlijke omstandigheden 

Bronnen: https://www.drinkwaterplatform.nl/bestrijdingsmiddelen-in-drinkwaterbronnen/ en https://eenvandaag.avrotros.nl/eenvandaag-vraagt/hoe-schadelijk-zijn-pesticiden-en-gewasbeschermingsmiddelen-voor-onze-gezondheid-en-andere-vragen-beantwoord-152942, https://www.leefmilieu.nl/pesticiden, https://eenvandaag.avrotros.nl/eenvandaag-vraagt/hoe-schadelijk-zijn-pesticiden-en-gewasbeschermingsmiddelen-voor-onze-gezondheid-en-andere-vragen-beantwoord-152942, https://www.drinkwaterplatform.nl/bestrijdingsmiddelen-in-drinkwaterbronnen/, https://www.pan-netherlands.org//wp-content/uploads/2020/06/Fipronil-Butterfly-rspb.2019.2665.pdf, https://www.nrc.nl/nieuws/2023/08/18/hoe-syngenta-een-studie-naar-glyfosaat-en-hersenschade-meer-dan-twintig-jaar-achterhield-a4172264.

Net zoals de teelt van voedsel anders kan, kan ook de toetsing anders. Het bijenrichtsnoer uit 2023 (https://zoek.officielebekendmakingen.nl/blg-1103052.pdf) bevat een herziene methodiek met realistischere blootstellingsscenario’s om de risico’s van chemische gewasbeschermingsmiddelen voor honingbijen, hommels en solitaire bijen beter te kunnen beoordelen. In de praktijk zijn er nog geen richtlijnen voor toxiciteitstesten voor hommels en solitaire bijen

Middelen toegelaten door Regelmatig wordt de toelating weer van de markt 

Feit 3: Pesticiden worden overal gevonden

Fabel: Dat pesticiden ‘precies’ gebruikt zouden kunnen worden is een fabeltje. Het zijn er eigenlijk twee.

Uitleg: 

Soms zeggen mensen dat ‘herbiciden’ geen kwaad kunnen voor insecten of andere dieren zoals mensen omdat ze ‘bedoeld’ zijn voor onkruid. Onderzoek (nature publicatie – bron invoegen) laat zien dat herbiciden zoals glyfosaat in het voedselweb terecht komen en negatieve effecten hebben op insecten, vissen, vogels en zoogdieren. Waaronder mensen. Recente onderzoeken vinden steeds sterkere verbanden met Parkinson en vormen van kanker.

De andere fabel over precisie is dat het alleen werkzaam zou zijn op de plek waar het gebruikt wordt. Ook dat klopt niet. Pesticiden verwaaien, komen terecht in de bodem en spoelen uit in het water.

  • Pesticiden verspreiden zich via lucht, water en bodem tot ver buiten het landbouwperceel. Ze worden aangetroffen in natuurgebieden, drinkwater en zelfs in biologische producten.
  • Metingen laten zien dat residuen van pesticiden regelmatig worden aangetroffen in drinkwaterbronnen, natuurgebieden en zelfs in huisstof. 
  • Actieve handhaving van de regels, is lastig. De toelating wordt tot aan de grens van het maximale opgerekt, met veel te moeilijke gebruiksvoorwaarden voor boeren (waaronder het niet mogen spuiten als een gewas in bloei staat, of als er bloeiende onkruiden in de nabijheid zijn). De actieve handhaving van de geldende regels is lastig. Er wordt wel gehandhaafd (risicogestuurd) door de NVWA, maar uiteraard kunnen niet alle boeren in de gaten worden gehouden. Hierdoor kunnen middelen op ongewenste plekken terechtkomen.

Bronnen: https://www.leefmilieu.nl/pesticiden, https://www.drinkwaterplatform.nl/bestrijdingsmiddelen-in-drinkwaterbronnen/, https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0048969723064240?via%3Dihub, https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0269749125005810?via%3Dihub 

Feit 4: Herbiciden zijn (in)direct schadelijk voor insecten

Fabel: Met enige regelmaat claimen mensen dat herbiciden alleen planten (‘onkruid’) doden en funghiciden alleen schimmels maar dat is onjuist. Gebruik van herbiciden heeft negatieve effecten op de kwaliteit van bodem, water en biodiversiteit.

Uitleg:

Ook herbiciden (onkruidbestrijdingsmiddelen) zijn (in)direct schadelijk voor insecten, bijvoorbeeld door het vernietigen van hun voedsel- en waardplanten en/of leefomgeving. Door het gebruik van herbiciden verdwijnen wilde bloemen en planten, waardoor bijen, vlinders en andere insecten geen voedsel meer kunnen vinden. Daarnaast zijn bepaalde herbiciden en hun afbraakproducten direct giftig voor bepaalde insectensoorten. Een veel toegepast herbicide is Roundup, met werkzame stof glyfosaat. Glyfosaat doodt ook schimmels en bacteriën én is giftig voor het waterleven. 

Hoe werkt glyfosaat?

Een boer bespuit zijn akker met glyfosaat. Vervolgens nemen de planten het op via hun bladeren waarna de planten afsterven. Het middel verspreidt zich door de hele plant waar het enzym EPSP-synthase geblokkeerd wordt. Dit enzym hebben planten nodig om bepaalde eiwitten te maken die essentieel zijn voor hun groei. Zonder dit enzym zullen de planten niet meer groeien, worden de planten geel en gaan ze binnen enkele dagen tot enkele weken dood.

Deze stofwisselingsroute komt niet voor bij dieren maar wel bij bijna alle planten. Dus niet alleen onkruid, maar ook andere gewassen zullen sterven door glyfosaat, inclusief ondergrondse delen. Glyfosaat valt daarom onder de ‘niet-selectieve herbiciden’. Bron: https://www.newscientist.nl/nieuws/hoe-zit-het-nu-echt-met-glyfosaat/ 

Bronnen: https://www.leefmilieu.nl/pesticiden, https://eenvandaag.avrotros.nl/eenvandaag-vraagt/hoe-schadelijk-zijn-pesticiden-en-gewasbeschermingsmiddelen-voor-onze-gezondheid-en-andere-vragen-beantwoord-152942

Feit 5: Langdurige blootstelling aan lage doses pesticiden brengt gezondheidsrisico’s met zich mee

Fabel: De fabrikanten van middelen – en soms ook het CTGB – mogen graag beargumenteren dat pesticiden veilig zijn zolang je maar onder de wettelijke norm blijft.

Uitleg:

Dat valt te bezien: afwezigheid van bewijs is iets anders dan bewijs van afwezigheid.

  • Veel pesticiden zijn nog niet onderzocht op langetermijneffecten, met name op de hormoonhuishouding en neurologische ontwikkeling. Studies tonen een verhoogd risico op ziekten als Parkinson en mogelijk autisme bij mensen die langdurig aan pesticiden worden blootgesteld, ook bij lage doses. Het Voedingscentrum en NVWA stellen dat acute risico’s klein zijn, maar erkennen dat er over chronische blootstelling veel onbekend is.
  • Er zijn aanwijzingen dat langdurige blootstelling aan lage doses pesticiden gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, zoals verstoring van de hormoonhuishouding, neurologische aandoeningen (zoals Parkinson), en mogelijk zelfs autisme bij kinderen. 
  • Parkinson is een erkende beroepsziekte voor boeren in Frankrijk, Duitsland en Italië

Bronnen: https://www.autisme.nl/2019/05/08/5-vragen-over-autisme-pesticiden/, https://eenvandaag.avrotros.nl/eenvandaag-vraagt/hoe-schadelijk-zijn-pesticiden-en-gewasbeschermingsmiddelen-voor-onze-gezondheid-en-andere-vragen-beantwoord-152942.

Feit 6: Zelfs biologische producten kunnen residuen van pesticiden bevatten

Fabel: Biologische producten zijn altijd gezond.

Uitleg:

Bio is niet altijd beter. Dat betekent niet dat het allemaal niks uitmaakt maar ook in de biologische landbouw worden (natuurlijke) bestrijdingsmiddelen gebruikt, zij het minder dan in de gangbare landbouw. Het EKO-keurmerk staat een aantal natuurlijke pesticiden toe, die onder strikte voorwaarden gebruikt mogen worden.

Door verspreiding via lucht en water kunnen ook biologische producten besmet raken met residuen van biologische en synthetische pesticiden.

(Bronnen: https://evertnieuwenhuis.nl/nieuws-achtergrond/groene-sprookjes-5-mythen-over-biologisch-eten/, https://www.leefmilieu.nl/pesticiden)

Feit 7: Wilde bestuivers zijn cruciaal voor de bestuiving van onze planten en gewassen

Fabel: Soms wordt inzet van gekweekte bijen voorgesteld als oplossing voor de insectensterfte.

Uitleg:

Gehouden bijen concurreren wilde bijen weg waardoor we achteruit boeren als we kunstmatig opgekweekte bijen massaal inzetten voor bestuiving. Ongeveer 80% van de Nederlandse plantensoorten is voor bestuiving sterk afhankelijk van insecten. Dit geldt voor wilde planten maar ook voor voedselgewassen én sierplanten. Het inzetten van gedomesticeerde of gekweekte bijen is géén oplossing voor de negatieve effecten van pesticiden en levert extra risico’s op:

  • Ziekteoverdracht: honingbijen kunnen ziekteverwekkers, zoals het Deformed Wing Virus (DWV), overdragen op wilde hommels. 
  • Voedselconcurrentie: honingbijen concurreren met wilde bestuivers om nectar en stuifmeel, vooral wanneer deze bronnen schaars zijn. 
  • Wilde bestuivers zijn vaak efficiënter en beter aangepast aan lokale omstandigheden dan gekweekte bijen.
  • Ten slotte, gemeenschappelijke bedreigingen: zowel honingbijen als wilde bijen hebben te lijden onder de afname van bloemen en pesticidengebruik. Het inzetten van meer gekweekte bijen pakt deze onderliggende problemen niet aan en kan de situatie voor wilde bestuivers zelfs verergeren.

Bronnen: https://www.bestuivers.nl/bedreiging/oorzaken, https://royalsocietypublishing.org/doi/10.1098/rspb.2021.2255, https://journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371%2Fjournal.pone.0189268, https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/21404847/, https://stud.epsilon.slu.se/16169/3/hansson_c_201013.pdf, https://www.nature.com/articles/s41598-018-27591-y.

FEIT 8: Strengere pesticidenregels in Sri Lanka verlaagden het aantal zelfdodingen met twee derde

Fabel: Als je met pesticiden stopt krijgen we allemaal honger, kijk maar naar Sri Lanka. Daar zijn ze gestopt met pesticiden gebruiken en toen ontstonden er grote voedseltekorten.

In Sri Lanka heeft de regering in april 2021 besloten om, nadat gebruik vanaf 1984 stapsgewijs steeds verder beperkt werd, te stoppen met gebruik van kunstmest en pesticiden waarna de productie van rijst met 25% daalde en de productie met 1/3e achteruitging (swiss-food.ch – Sri Lanka: Pesticide ban with disastrous consequences).

Behalve milieu-overwegingen speelde preventie van zelfdodingen een belangrijke rol in de overwegingen voor de restricities. In 1990 lag het aantal zelfdodingen in Sri Lanka drie keer hoger dan het gemiddelde en vier keer hoger dan in de VS of het Verenigd Koninkrijk. Bij de suicide werden vaak pesticiden gebruikt.

Het restrictieve beleid heeft geleid tot een twee/derde afname van het aantal zelfdodingen en laat zien dat preventief beleid op dit onderwerp effectief is. ( Sri Lanka verlaagt suïcidecijfers met 66% dankzij beleid )

In de landbouwlobby wordt Sri Lanka vaak naar voren gehaald als voorbeeld van hoe schadelijk het is als je gebruik van gifstoffen aan banden legt. Ze wijzen dan op de daling van de productie en hebben zelden aandacht voor de daling van het aantal zelfdodingen.

Het laat vooral zien dat het niet zo zinvol is om landen selectief tegenover elkaar te zetten. Nederland verbouwt geen rijst en ook geen thee en is in allerlei andere opzichten een heel ander land dan Sri Lanka. In ons land worden de meeste en de meest schadelijke stoffen gebruikt in de teelten van siergewassen en aardappelen zijn niet vergelijkbaar met rijst en akkers niet met rijstvelden.

Een les die je er uit zou kunnen trekken is dat een totaalverbod misschien wat ver gaat en je eerst met pilots moet testen of het kan. In Nederland zijn er verschillende boerenbedrijven die zonder kunstmest en pesticiden goede opbrengsten halen, dus die tests zijn in zekere zin al gedaan.

Handelingsperspectief – Samen voor Bestuivers!

Het beschermen van onze waardevolle bestuivers is niet alleen een taak voor boeren of beleidsmakers, maar iets waar we allemaal aan kunnen bijdragen. Door samen in actie te komen, maken we écht verschil voor natuur, biodiversiteit en een gezonde voedselvoorziening. Hier zijn enkele praktische stappen die jij vandaag al kunt zetten:

  • Ondersteun beleid dat inzet op minder en veiliger pesticiden: laat je stem horen bij lokale en landelijke overheden, en steun initiatieven die biodiversiteit en duurzame landbouw stimuleren.
  • Volg en steun groepen als Pesticide Action Network Netherlands, Meten=Weten, natuurorganisatie Natuur en Milieu en Foodwatch Nederland die strijden voor een strengere toelating en betere handhaving.
  • Kies waar mogelijk voor biologische producten: biologische landbouw gebruikt minder en andere (natuurlijke) bestrijdingsmiddelen en biedt meer ruimte aan wilde bloemen en insecten.
  • Maak je tuin of balkon bestuiversvriendelijk: plant een variatie aan (biologische) bloemen die bloeien van het vroege voorjaar tot het late najaar. Vermijd het gebruik van pesticiden in je eigen tuin.
  • Verspreid betrouwbare informatie: deel kennis over het belang van wilde bestuivers, de risico’s van pesticiden en de kracht van natuurlijke oplossingen.

Samen kunnen we misinformatie tegengaan en anderen inspireren om ook in actie te komen. Zo zorgen we voor een kleurrijke, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving – voor mens én natuur!

Meer weten?
Bezoek bestuivers.nl voor tips, achtergrondinformatie en inspirerende voorbeelden.

Foto van Sander

Sander

Bekijk ook eens